Drentse Toerrit

 

In 1940 besloot het bestuur van de Drentsche IJsbond bij wijze van proef een toertocht met wedstrijd te organiseren. Men had geconstateerd dat de publieke belangstelling voor kortebaanwedstrijden hard achteruit was gegaan en meende het uit oogpunt van propaganda voor de ijssport over een andere boeg te moeten gooien. Dat werd dus een toertocht met wedstrijd zoals die ook in omliggende provincie werden georganiseerd.

Organisatie: Drentsche IJsbond

Route: Het traject liep van de ijsbaan van de Asser IJsclub Voorwaarts over de Balkenkolk naar de Drentse Hoofdvaart, via Smilde reed men door tot de Beilervaart en via deze vaart naar Beilen . Daar werd gekeerd en werd dezelfde route terug gereden naar Assen.

Eerste Drentse Toerrit in 1940
Op zaterdag 13 januari 1940 werd de eerste Drentse Toerrit verreden. In totaal 52 km.

Het wedstrijddeel bestond uit 27 teams van twee rijders van bij de Drentsche IJsbond aangesloten ijsverenigingen. De teams vertrokken twee minuten na elkaar. Winnaar werd het team van ijsclub Odoorn, de heren P. Schutrup en B. Hofstee. Zij reden de 52 km in 1 uur en 57 minuten.

De plusminus 450 toerrijders starten een half uur na de wedstrijdrijders en vertrokken in groepen van 50 rijders. Voor het vertrek van de toerrijders hield de burgemeester van Assen, mr. J. Bothenius Lohman een korte toespraak, waarin hij de hoop uitsprak dat deze schaatstocht tot jaarlijks evenement zou uitgroeien evenals de T.T.-races. Vrijwel alle deelnemers kwam binnen de tijd van drie uur binnen. Ook zij die iets later arriveerden ontvingen een herinneringsmedaille. 

Tweede Drentse Toerrit in 1941
Gelet op het succes van de Drentse Wedstrijd- en Toerrit in 1940, werd de tocht een jaar later (nu in oorlogstijd) herhaald en wel op zaterdag 1 februari 1941.
De startprocedure voor de wedstrijd was nu iets aangepast. De 89 wedstrijdrijders vertrokken met zes teams van twee rijders elk, telkens om de minuut.

De 360 toerrijders vertrokken weer in groepen van 50 personen.

De verschillende ijsclubs langs de route én aanwonenden hadden de vaarten zoveel mogelijk sneeuwvrij gemaakt. Op de Beilers vaart werden de rijders geconfronteerd met het traditionele blokschieten op het ijs. Bij het blokschieten moeten stenen zo ver mogelijk over het ijs worden weggesmeten. De blokschieters gingen nogal op in hun ‘sport’ zodat de schaatsers ontwijkende bewegingen moesten maken. Er gebeurden geen ongelukken. In Beilen kregen de deelnemers, zowel de wedstrijdrijders als de toerrijders, een kop snert aangeboden. Na enige tijd werden eerst wer de wedstrijdrijders’ wegeschoten’ en daarna de toerrijders.

Winnaar werd dit keer team Bovensmilde met H. de Groot en G. Pomper. Zij legden de afstand drie minuten sneller af dan de winnaars in 1940. Bij de dames was team Ubbena de snelste met de dames A. Nijborg en J. Nijborg.

 

 

De volgende tochten zijn verreden:

 
Winter Aantal verreden
tochten
Verreden op Afstand
in km
Aantal deelnemers
1940 1 zaterdag 13 januari 52 450 en
wedstrijd 27 teams van twee rijders
1941 1 zaterdag 1 februari 1941 52 360 en
89, wedstrijd zes teams van twee rijders

De volgende medailles zijn uitgereikt:
 

13 jan. 1940, voorzijde
52km

13 jan. 1940, achterzijde
52km

 

 

1 febr. 1941, voorzijde
52km

1 febr. 1941, achterzijde
52km

 

 

 

Bovenkant van de pagina