Sterrit Coevorden

Inleiding

De Sterrit op de schaats naar Coevorden is een variant op de Friese Sterrit naar Akkrum, die in 1938 als een van de eerste toertochten in Nederland werd verreden. Er waren twee grote verschillen. In de eerste plaats werd de Friese Sterrit op één dag verreden, terwijl de Sterrit naar Coevorden op vijf dagen kon worden gereden en wel op 22 tot en met 26 januari 1942. In de nacht van 25 op 25 januari gaat het hard sneeuwen en ook de dagen die volgen is er zelfs sneeuwjacht zodat veel schaatsers hun tocht naar Coevorden moeten staken.

Men had dus vijf dagen de tijd. De tocht moest overigens wel op één worden voltooid. Een tweede verschil was dat bij de Friese Sterrit van tevoren vaste startplaatsen werden aangewezen waar men zich kon inschrijven en vertrekken. De Sterrit naar Coevorden liet de deelnemers vrij bij het kiezen van een startplaats. Dit betekende dat men zich niet kon inschrijven. De deelnemers werden daarom verzocht zelf stempelkaarten te maken en daarop de startplaats aan te geven. Vervolgens moest men op geregelde afstanden van ongeveer 10 km de kaart laten aftekenen door sluiswachters, brugwachters of caféhouders die dicht aan het ijs hun café hadden. Op die manier kon de organisatie controleren of men de tocht en de afstand daadwerkelijk had gereden.
Aan de drie schaatsers die de grootste afstand hadden afgelegd, werden zogenaamde Candia-kruizen beschikbaar gesteld.

Dat de Sterrit Coevorden voortkwam uit een Friese voorganger laat zich verklaren door het feit dat een van de bestuursleden van de VVV Coevorden een Fries was en wel A. Vonk, zoon of broer van de Friese schaatsenmaker Egbert Vonk uit Oudeschoot.

Het duurde een paar weken voordat de organisatiecommissie klaar was met de berekening wie de langste afstand had afgelegd. Winnaar van het zilveren Candia-kruis was uiteindelijk J. Staarman uit Bergentheim die 164 km had afgelegd. De tweede prijs was een verzilverd Candia-kruis. Die werd toegekend aan drie schaatsers uit Coevorden, te weten J.W. Spreen, B.H.J. Lankhorst en B.G. Vroling. Zij hadden 156,3 km gereden. De derde prijs was voor het duo W.E. van Loon (Coevorden) en W. Lammers (Coevorden-Utrecht) met 155,8 km. Zij kregen elk een 'eenvoudig' Candia-kruis.

Toch waren er nog twee mannen die een langer traject hadden afgelegd. K. Ambergen en H.A.A. Bosman, beiden uit Dalen legden weliswaar 183,5 km af, maar zij waren kort voor 12 uur 's nachts nog gesignaleerd op het Stieltjeskanaal en konden hun tocht nooit voor 24.00 uur volbrengen. Wel kregen ze voor hu prestatie een speciale prijs.

Al met al was de tocht een succes, maar door de vele sneeuwbuien waren velen die van ver kwamen niet in de gelegenheid gekomen om Coevorden überhaupt te bereiken. Uiteindelijk hebben een kleine duizend schaatsers de tocht volbracht. Sommige schaatsers hadden meer dan 150 km afgelegd en waren afkomstig uit Groningen, Friesland en zelfs uit hartje Gelderland.

 

Organisatie: Vereniging  Voor Vreemdelingenverkeer (V.V.V.) Coevorden

Route: vanaf iedere willekeurige plaats naar Coevorden, route zelf te bepalen mits de afstand minimaal 40 km is

De rijders moesten zich in Coevorden uiteindelijk op de Markt afmelden. De Markt was via de Haven gemakkelijk te bereiken.
Mensen die inlichtingen wilden over de tocht konden terecht bij de heer A. Vonk, Markt 21. Dit was dus Arjen Vonk die een Radiowinkel op Markt 21 had. Hij was de zoon van schaatsenmaker Egbert Vonk uit Heerenveen.

 

De volgende tochten zijn verreden:

 
Winter Aantal verreden
tochten
Verreden op Afstand
in km
Aantal deelnemers
1942 3 donderdag 22 januari
vrijdag 23 januari
zaterdag 24 januari
zondag 25 januari
maandag 26 januari
min. 40  

De volgende medailles zijn uitgereikt:
 

22 t/m 26 jan. 1942, voorzijde
min.40km

22 t/m 26 jan. 1942, voorzijde
min.40km

 

 

 

Bovenkant van de pagina